Een IJsberg in Vaassen

donderdag 10 december 2015Cultuurhistorie

Toch maar eens uitzoeken...
Dan blijkt dat met een ijsberg een voorloper van een ijskelder werd bedoeld. Vroeger waren er nog geen koelkasten. Om etenswaren te koelen was ijs nodig. Ook wilde je je gasten graag verrassen met gekoelde dranken of desserts.
Het ijs uit de ijsberg of ijskelder werd overigens niet gebruikt om ijs van te maken, maar om ijs mee te maken. De basis voor ijs (vruchtenpuree voor sorbet bijvoorbeeld) wordt in een kom gedaan, om de kom heen wordt ijs gepakt, vermengd met wat zout. Door het zout gaat het ijs uit de ijsberg smelten. Dit onttrekt zoveel warmte aan de omgeving dat het mengsel in de kom bevriest.
Van de ijsberg op de Cannenburch wordt gezegd dat het ijs ook gebruikt werd om de vis te koelen die rond 1900 in de viskwekerijen langs de beken gekweekt werd.

IJsberg of ijskelder
Waarschijnlijk waren op veel landgoederen ijsbergen in gebruik voordat ijskelders werden gebouwd. Voordelen van ijsbergen ten opzichte van ijskelders waren dat ze weinig investeringen vergden, het ijs op verschillende plekken opgeslagen kon worden en ze flexibeler in gebruik waren. In een goed gebouwde ijsberg bleef het ijs minimaal een jaar goed, soms wel 3 jaar. Nadelen waren dat het opbouwen van de berg met meer zorgvuldigheid moest gebeuren, omdat de bewaarcondities minder constant waren. Ook het uit de berg halen van het ijs en het weer dichtmaken van de berg moest zorgvuldiger gebeuren, omdat anders de houdbaarheid verminderde.
De afweging ijsberg versus ijskelder zal op ieder landgoed anders zijn geweest. Op de Cannenburch is voor zover bekend nooit een ijskelder gebouwd en heeft men het ijs waarschijnlijk steeds in ijsbergen opgeslagen. Plek van de ijsberg

IJsbergen in de 19e eeuw
Over het bouwen van ijsbergen is niet zo heel veel bekend. In de weinige 19de-eeuwse literatuur lijkt het erop dat ijsbergen algemeen waren, misschien wel zo algemeen dat er weinig over geschreven werd. Er is een beschrijving van ijsbergen die in Londen bij de markten gebouwd waren, vermoedelijk om de waren te koelen. Afbeeldingen van ijsbergen zijn er niet.
Dankzij internet zijn inmiddels ook oude vaktijdschriften beschikbaar. In ‘An encyclopedia of gardening’ van John Cladius Loudon uit 1824 vinden we tips voor de tuinman over het inrichten van ijskelders en ijsbergen. Het bouwen van een goede ijsberg was kennelijk een hele uitdaging, want het onderwerp komt gedurende de late 19de eeuw regelmatig terug in onder andere de ‘Journal of horticulture, cottage gardener and country gentleman’.
Uit die tijdschriften blijkt dat de afvoer van smeltwater een belangrijk iets is. Water bederft namelijk, ijs niet. Het ijs moet daarom droog blijven. IJs gewoon in een kuil in de grond leggen en afdekken met aarde zou het onderste ijs onbruikbaar maken, of zelfs de hele berg aantasten. Ook ijskelders die in de grond ingegraven liggen hebben vaak een waterafvoer.

Zelf een ijsberg bouwen
Een goede plek voor een ijsberg ligt open, maar wel in de schaduw, zoals aan de noordkant van bosranden of houtwallen. Hij mag niet onder de drup van bomen liggen, want dan rot de isolatielaag sneller weg. Ook raakt de berg dan eerder verontreinigd. Bovendien produceert rottende afdekking warmte (denk aan de composthoop en mestvaalt).
Hoe groter de berg, hoe langer hij houdbaar is. In de 19de-eeuwse literatuur wordt geadviseerd om een hoop te maken van minimaal 5 meter doorsnede en minimaal 2,5 meter hoog.
Je begint met een aarden vloer, die in het midden circa 15 cm hoger is, zodat smeltwater kan afvloeien. Op die ondergrond komt een laag takken of houtsnippers met daarover een laag stro of groenafval. Deze lagen dienen als bodemisolatie. Als in de zomer de omringende bodem opwarmt, kan de warmte het ijs niet bereiken.

Het ijs kun je uit grachten en vijvers verzamelen. Met een ijshamer breek je het ijs en met een pikhaak trek je het op de kant. Daarna moet je er brokken van maken ter grootte van eieren. De ijsbrokken worden vervolgens opgestapeld tot een afgeronde kegel. Als het een beetje vriest kun je een beetje water gebruiken om ijsbrokken aan elkaar te plakken en kun je een steilere hoop bouwen. Er moet zo min mogelijk ruimte tussen de brokken zitten, dus er moet sneeuw of ijsgruis tussen gepropt worden.
Als de hoop af is worden de zijkanten met wat water begoten, zodat een ijsfilm ontstaat. Het gladde oppervlak van de ijsfilm zorgt ervoor dat er minder oppervlak is, waardoor de hoop minder snel smelt.

Isolatie aanbrengen
Als isolatie om de ijsberg komt eerst een laag tarwestro, daarna een laag takkenbossen. Tussen de takken zit veel stilstaande lucht, wat goed isoleert. Aan de buitenkant komt langstengelig materiaal, zoals riet of lang stro. Deze laag moet zorgen dat de berg droog blijft en dat regenwater eraf loopt.

Aanduidingen plaatje
a: verhoogd cirkelvormig platform;
b: tarwestro;
c: takkenbossen;
d: riet of langstengelig materiaal.

 

En tot slot het ijs gebruiken
Als je het ijs weer uit de ijsberg wilt halen schuif je aan de noordzijde van de berg voorzichtig de isolatie aan de kant. Dan hak je zoveel ijs los als je nodig hebt. Daarna de isolatie weer zo goed mogelijk terugschuiven en ook de regenwerende laag weer netjes leggen. Hoe zorgvuldiger je dit doet hoe langer je ijsberg goed blijft.

 

Ciska van der Genugten
Als Specialist Natuur en Cultuurhistorie brengt Ciska kennis bijeen over de sporen die de mens in het verleden in het landschap heeft achtergelaten, variërend van grafheuvels tot tuinen en parken en van levend tot immaterieel erfgoed. Haar achtergrond is Tuin- en Landschapsinrichting en Biologie.

Alle berichten bekijken