Zandhegge

Vliegdennenbos en heide, door stuifwal gescheiden van aangeplant naald- en loofbos, hakhout en cultuurgrond met lanen en singels.

Locatie

Wieselseweg
7345 CG Wiesel

Regio Veluwe - Gemeente Apeldoorn
Verworven 1977 - Oppervlakte 111 ha

Voorzieningen

De locatie

De Zandhegge is een fraai afwisselend landschap, waarin het verleden herkenbaar is gebleven. De gronden hebben alleen een ander gebruik gekregen. De heide en het stuifzand zijn nu bos en ook het grote akkercomplex is grotendeels beplant met bos. Er wordt geen graan meer geteeld, maar de voormalige akkers zijn nog herkenbaar door hun bolle ligging.

De voormalige hakhoutwallen zijn nu volwassen bomenrijen, maar het kleinschalige karakter bleef behouden. De Zandhegge werd in 1977 gekocht van mevrouw M.A.H. de Bruijn-Dobbelman.

Klompenpad

Door Zandhegge loopt Klompenpad het Kopermolenpad.

Grote rol voor schapenhouderij

De schapenhouderij heeft in dit gebied een grote rol gespeeld. In het verleden hebben hier veel schaapskooien gestaan. De schapen werden overdag geweid op de heide, waar ook plaggen werden gestoken voor in de stallen. 's Avonds keerden de schapen terug in de schaapskooi waar hun mest werd verzameld. Door overexploitatie ging de heide verstuiven.

Om de akkers en graslanden tegen het zand te beschermen werden eikenstekken aangeplant. De schaapskooi aan de Greutelseweg dateert vermoedelijk uit de tweede helft van de 19de eeuw, toen de schapenhouderij nog een belangrijk onderdeel vormde van het landbouwsysteem in deze omgeving. De schaapskooi heeft een traditionele opbouw. Daarbij horen het met riet gedekte schilddak en de brede deuren aan de kopse gevels die tot doel hadden de schapen snel in en uit de kooi te kunnen leiden. Ook de afgeschuinde hoeken van deze gevels dienden om de schapen gemakkelijk naar buiten te leiden. De schaapskooi is niet meer als zodanig in gebruik.

Dieren

Dankzij de rust en de ligging naast het grote aaneengesloten bos- en natuurgebied van het Kroondomein bezit de Zandhegge een rijke fauna. Er zitten relatief veel reeën en veel verschillende soorten vogels, waaronder diverse roofvogels en uilen. In het bos ten noorden van de stuifwal zijn veel hopen van de rode bosmier geteld.

Rode bosmieren zijn het hoofdvoedsel van de groene specht, een zeldzame vogel die op de Zandhegge voorkomt. Dit bos mag zich natuurlijk ontwikkelen, waardoor dood hout en oude bomen toenemen. Daardoor zijn in de afgelopen jaren de soorten die hiervan afhankelijk zijn, zoals boommarter, kleine bonte specht en glanskop, in aantal toegenomen.

Flora

Ten noorden van de stuifwal ligt op voormalige heide een stuifzandvliegdennenbos. De uitgestoven laagte is zeer voedselarm. Dit gebied is rijk aan mossen en korstmossen; berk en grove den groeien hier moeizaam. De opgestoven delen zijn rijker, omdat ze humus bevatten. Hier groeien bosbes, vossenbes, kraaiheide, dopheide, pijpestrootje en een enkele jeneverbes.

Op een heideterreintje grenzend aan het Kroondomein groeit de zeldzame veenbies. Ten zuiden van de wal liggen door loofhoutwallen en -singels omgeven landbouwgronden. Opvallende soorten hierin zijn kamperfoelie, adelaarsvaren, eikvaren en veelbloemige salomonszegel.

Beheer van het gebied

Ten noorden van de stuifwal willen we de natuur zoveel mogelijk haar eigen gang laten gaan. Ten zuiden van de stuifwal zullen de cultuurhistorische waarden het belangrijkst zijn. Op de voormalige akkers willen we weer graan gaan telen, terwijl zich in de lagere delen vochtige graslanden kunnen ontwikkelen. Stuifwal, wildwallen en hakhoutwallen worden in goede conditie worden gehouden.

Geschiedenis

Op de overgang tussen de hoge droge Veluwe en de lagere nattere gronden vestigden zich de eerste mensen in dit gebied. Hier was alles voor handen om te kunnen leven: water, weilanden en heide voor vee, hogere gronden voor akkers en bos en hakhout voor bouw- en brandhout. Ten zuiden van de Zandhegge ligt langs de weg een grafheuvel van ongeveer 4000 jaar oud.

Op de Wieselse Enk zijn ijzertijdaardewerk en vuursteenafslagen gevonden. Onder het esdek gaan waarschijnlijk nog meer overblijfselen uit het verleden schuil.

De naam Zandhegge heeft betrekking op de haag van eikenstek waarmee de vroegere bewoners zich beschermden tegen het stuifzand. In de loop van de tijd is deze barrière uitgegroeid tot een imposante wal, die als een boog om de vroegere akkers ligt. Waarschijnlijk is de wal aangelegd op een reeds bestaande, natuurlijke wal die onderdeel uitmaakt van een langgerekt complex van dekzandduinen, opgestoven in en vlak na de laatste ijstijd.