Veenhuis en Borkense Baan

Ooit liep hier het spoorlijntje tussen Winterswijk en Borken (D). Inmiddels is het een bijzonder natuurgebied geworden. Langs het verlaten tracé liggen bos- en heidegebiedjes met hier en daar poelen en vennen.

Locatie

Veenweg
7107 Kotten, Woold

Regio Achterhoek - Gemeente Winterswijk
Verworven 1981 - Oppervlakte 47 ha

Voorzieningen

Natuurgebieden

Die poelen zijn volgelopen zand- en kiezelgroeven waar ooit het materiaal voor de spoorbaan werd gedolven. Het is nu leefgebied voor bijzondere planten en dieren. De spoorbaan en de bermen van het talud zijn bijzonder rijk aan vlinders. Er komen ongeveer 25 soorten dagvlinders voor.

Verbinding
De voormalige spoorbaan is 4 kilometer lang en vormt een groene verbinding tussen verspreid liggende bosjes in de omgeving. Op de stenige ondergrond en het zanderige talud groeien speciale plantensoorten. De stenige plekken worden gebruikt door reptielen om zich op te warmen.

Veenhuis
Dit is een afwisselend bosgebied met hier en daar een pluk hei. Het maakte vroeger onderdeel uit van een groot heidegebied. Dat werd rond 1900 ontgonnen en gedeeltelijk ingeplant met grove den. Het is inmiddels uitgegroeid tot een afwisselend half natuurlijk landschap.

Fietsroute omgeving

Wandelen en fietsen

Beide gebieden zijn ideaal voor wandelen en fietsen. In het gebied tussen Winterswijk en de Duitse grens liggen veel aangegeven wandel- en fietsroutes.

Een van die routes is het ‘Kommiezenpad’. Dat volgt oude smokkelpaden in het Duitse deel van het gebied. Vlakbij Veenhuis ligt boerderij De Haar. Er is een bushalte en een informatiepunt met picknicktafels. Het is een goed beginpunt voor een mooie wandeling of een fietstocht. Door het gebied lopen een aantal fietsroutes, waaronder de route Winterswijk-Woold.  

Planten

Op de schrale bodem van de spoorbaan groeien bijzondere plantensoorten. Ook rond de vennetjes en in de bosgebieden zijn bijzondere planten te vinden.

Soms ziet de spoorbaan geel van de bloeiende brem. Op natte delen bij de greppels groeit dotterbloem en adderwortel. Langs de oevers van de watertjes drijven pollen van veenmos met waternavel, holpijp, veenpluis en duizendknoopfonteinkruid. Aan de zuidkant van het grootste ven staat een ongeveer 140 jaar oude grove den, het is het dikste exemplaar op onze terreinen.

Schraal grasland
Ook de schrale graslandjes langs de spoorbaan zijn soortenrijk. Hier groeien gevlekte orchis, moeraskartelblad, vetblad en zonnedauw. In een van de poelen groeit het vleesetende waterplantje gewoon blaasjeskruid. Dat vangt met vangblaasjes watervlooien en ander zoetwaterplankton.

Dieren

De Borkense Baan is een toevluchtsoord voor veel diersoorten. Er komen veel vlinders, reptielen en bijzondere vogels voor.

Met 25 soorten dagvlinders is dit één van de meest vlinderrijke gebieden van ons land. Rond de waterpartijen komen veel libellensoorten voor. Die worden bejaagd door de hier broedende boomvalk en grauwe klauwier.

Reptielen
Op het talud van de spoorbaan komen veel reptielensoorten voor. Er zijn grote stenen neergelegd en zandbedden gemaakt waar hagedissen kunnen opwarmen en hun eieren kunnen afzetten.

Beheer

Ons beheer van Veenhuis is gericht op het behoud van de natuurwaarden van het kleinschalige landschap met een afwisseling van bosjes, hakhout en natuurgraslanden. In de Borkense Baan willen we heideontginningslandschap behouden en de landschappelijke waarden versterken. Daarnaast zeten we in op het behoud van de cultuurhistorische waarde.

Bijzondere waarden
Deze heideontginningsterreinen hebben hoge tot zeer hoge natuurwaarden, vooral op de Borkense Baan. De vroegere spoorbaan is cultuurhistorisch belangrijk. Ook de landweer (Sikkings landweer) is een terrein van hoge archeologische waarde. Op de Borkense Baan staat één monumentale grove den. Ook staan er op een oude houtwal enkele zeer zeldzame beukenhakhoutstoven.
Op verschillende plekken van de beide terreinen komt keileem dicht aan de oppervlakte, wat zeldzaam is in ons land. Op de Borkense Baan komen internationaal belangrijke vegetaties voor, namelijk de vochtige tot natte (hei)schrale graslanden en de droge tot natte heiden (met vennen).
In beide terreinen leven bijzondere flora- en faunasoorten, waaronder de grote bosmuis, zandhagedis en bijzondere libellen.
Het gebied rondom Winterwijk wordt gezien als een landschapsparel. Het heeft belangrijke recreatieve waarden.

Beheer in een notendop
Het terrein Veenhuis beheren we als kleinschalig landschap met een afwisseling van bosjes, hakhout en natuurgraslanden, waarbij de natuurwaarden sterk afhankelijk zijn van de waterhuishouding. Er wordt gericht beheerd op hoge natuurwaarden in relatie tot omliggende natuur (in aanleg).
Het beheer op de Borkense Baan gaat uit van twee verschillende doelstellingen. Het heideontginningslandschap blijft hier behouden en de landschappelijke waarden worden versterkt. De spoorbaan zoals die er nu ligt, wordt zichtbaar gehouden, de natuurwaarden worden geaccentueerd. Sikkings landweer zal zo mogelijk beter zichtbaar worden gemaakt; het beheer richt zich op het voorkomen van aantasting van de landweer en bijbehorende structuren.

Bossen, graslanden en heiden
Algemeen gezegd is ons beheer gericht op behoud en versterking van de natuurwaarden van het voormalige heidelandschap. De bossen in het heideontginningslandschap – oorspronkelijk aangelegd met het oog op productie – zijn meer gericht op natuurlijkheid, diversiteit en een rijke structuur. Het beheer van de bossen is gericht op het ouder laten worden van de bossen. Hierbij streven we naar gemengde bossen. Bij aanplant werken we vooral met soorten die vanuit de historie worden aangereikt. Ook willen we brede zomen en mantels ontwikkelen, onder meer met wilde peer, zoete kers en appel.
Het beheer van de schrale graslanden bestaat uit zeer kleinschalig beheer. Het beheer van de heiden bestaat uit het (zeer) kleinschalig plaggen en maaien, aangevuld met laten begrazen met een schaapskudde.

Geschiedenis

Het woeste grensgebied met Duitsland is altijd een rumoerig gebied geweest. In het landschap zijn de sporen van oorlogen en schermutselingen nog te zien.

Dwars op de Borkense Baan ligt een ‘landweer’, een dubbele zandwal die als verdediging werd opgeworpen. Deze zandwal is bekend als de Sikkings Landwehr. Het is waarschijnlijk een veldversterking uit de Tachtigjarige Oorlog. In het gebied rond Winterswijk zijn nog veel landweren, schansen en wallen te vinden.

Spoorlijn
Het spoorlijntje tussen Winterswijk en het Duitse Borken is tussen 1870 en 1880 aangelegd. Het enkelspoor diende als goederenverbinding tussen de havens van Groningen en Friesland met de Duitse industriegebieden. Na 1960 werd het spoor nauwelijks nog gebruikt, en in 1975 werd de lijn opgeheven.

Cultuurhistorie
Het spoor werd bij het 150-jarig bestaan van de NS geschonken aan Natuurmonumenten (2,4 kilometer) en Geldersch Landschap (1,6 kilometer). In het gedeelte van Geldersch Landschap zijn de bielzen en de rails blijven liggen. Ze vormen een herinnering aan de cultuurhistorie van het gebied.

Beheer
De Borkelse Baan wordt actief beheerd om het aantrekkelijk te houden voor reptielen en vlinders. De vennen, poelen en de heide in het gebied worden opengehouden. De bosgebieden en bosranden in Veenhuis worden afwisselender gemaakt. Kleinschalig beheer zorgt voor een afwisselend landschap waar veel planten en dieren thuis zijn.

Wist u dat?

In Veenhuis komen tijgers voor...

Dat wil zeggen: de tijgerspin of wespspin. Het is een opvallend gekleurde spin. De grote vrouwtjes hebben een geel-zwart achterlijf. De spin houdt erg van warmte en komt oorspronkelijk uit het Middellandse Zeegebied. De soort rukt naar het noorden op en werd in 1980 voor het eerst in Limburg ontdekt. De spin kan niet steken en de beet is ongevaarlijk voor de mens.