Landgoed Wolink

Het huidige Wolink vormt een afwisselend landschap waarin het verleden duidelijk voelbaar is. Vanuit het hele gebied zijn er doorkijkjes naar de fraaie monumentale boerderij.

Locatie

Wolinkweg
7273 SL Haarlo

Regio Achterhoek - Gemeente Borculo
Verworven 1985 - Oppervlakte 36 ha

Voorzieningen

Beheer

Bij het beheer van Wolink zijn de cultuurhistorische waarden richtinggevend. Belangrijke elementen daarvan zijn de monumentale hoeve, de oorspronkelijke perceelindeling, singels en houtwallen en de es. Deze waarden zullen versterkt worden door het terugbrengen van houtwallen, eikenhakhout en drinkpoelen. Binnen dit kader zullen de natuurwaarden verder verhoogd worden.

Excursies

Geen evenementen gevonden.

Flora

In het bos op de voormalige heide staan nog gagelstruiken, jeneverbessen en enkele zeer oude vliegdennen als herinnering aan het heideverleden. De houtwallen rond de es zijn uitgegroeid tot monumentale bomenrijen. In het voorjaar vallen vooral de rode beuken hierin op.

Langs de zuidzijde van het terrein, langs het Haarloosche Kanaal, ligt een zeer fraaie beukenlaan. Het bos rond de hoeve, met veel oude eiken, is zeer fraai. In het dennenbos komen veel berken en zomereiken op, die later een loofbos zullen vormen. In de ondergroei gedijen verder lijsterbes, vuilboom en kamperfoelie. Nabij de es groeien plaatselijk adelaarsvaren, hulst en klaverzuring, een teken dat hier al heel lang bos of hakhout groeit omdat deze soorten alleen in oud bos voorkomen. In het bos groeien tweestijlige meidoorn en jeneverbes, beide soorten die in Nederland niet algemeen voorkomen. De aanwezigheid van jeneverbes wijst erop dat het bos vroeger een open heideterrein is geweest.

Geschiedenis

Het Achterhoekse kleinschalige kampenlandschap heeft zich sinds de middeleeuwen ontwikkeld volgens een vast patroon.

Dicht bij de boerderij lag een hoge, droge akker, een es of enk. De lagere gronden in de buurt van de boerderij waren graslanden voor vee. Verder van de boerderij af lagen op de natte gronden hooilanden en op de drogere gronden heide en bos. Zowel in het bos als op de heide werd ook vee gehouden en uit het bos werd hout gehaald. Op de heide werden plaggen gestoken om als stalstrooisel te dienen en de mest op te vangen die vervolgens op de akker gebracht werd. Dicht bij de boerderij bevonden zich ook geriefhoutbosjes, (moes)tuinen en een boomgaard. Akkers en graslanden waren met hakhoutwallen omzoomd. Ook water was dicht bij de boerderij aanwezig, hetzij via een waterput, hetzij als beekje of stroompje. In het algemeen werd grond rondom de boerderij intensief bewerkt en grond verder van de boerderij extensiever.

Het in 1985 van de familie Roelvink verworven Wolink is een prachtig voorbeeld van zo'n oud, efficiënt ingericht landschap. Alle elementen zijn aanwezig: es, graslanden, hakhout, heide (nu grotendeels dichtgegroeid), bos, boomgaard en ter verfraaiing van het landgoed enkele lanen en mooie bomen. De monumentale boerderij op Wolink stamt uit 1770. De kappen van de boerderij zijn voorzien van geveltekens. Het meest opvallend element is echter de dubbele endskamer. Het woongedeelte van boerderijen van het hallenhuistype werden in het verleden vaak uitgebreid met een aanbouw. Meestal werden deze aanbouwen tegen de zijgevel van het woongedeelte geplaatst, waardoor de boerderij in de breedte werd uitgebreid. Alleen in de Achterhoek en Twente komt het voor dat deze uitbreidingen tegen de voorgevel van de boerderij werden geplaatst, in de lengteas van de boerderij. Deze uitbreidingen staan bekend als 'endskamers' en boerderij Wolink valt op met zijn dubbele endskamer. De achterzijde van Wolink is eveneens opvallend, met twee deeldeuren die teruggesprongen liggen ten opzichte van de achtergevel. De bouwdelen die ter weerszijden van de deuren uitsteken worden plaatselijk 'hookschötte' genoemd. Tot slot is op het erf van boerderij Wolink een bijzondere waterput te vinden.

Rond de tijd dat de boerderij werd gebouwd is ook begonnen met de ontginning. Op een kaart uit 1783 is het merendeel van het gebied nog niet ontgonnen, maar in 1846 ziet het gebied er al grotendeels uit zoals het nu is. Sinds 1870 is het gebied vrijwel niet meer veranderd, afgezien van het dichtgroeien van de heide. Toen de kunstmest werd uitgevonden waren heideplaggen namelijk niet meer nodig om de akkers te bemesten. Ook werden de graslanden productiever, zodat dieren niet meer op de heide geweid hoefden te worden. De heide raakte in onbruik en groeide in de loop van de tijd dicht met bos.

Fauna

Op Wolink zijn meer dan zestig soorten vogels geteld, een hoog aantal voor een gebied van nog geen 40 ha. Kenmerkende broedvogels zijn holenbroeders die van de oude bomen gebruikmaken om in te nestelen, zoals de zwarte specht, bosuil en boomklever.

Ook het goudhaantje, een klein vogeltje met een geeloranje streep op de kop, komt hier voor. Er leeft een redelijke populatie kleine ijsvogelvlinders. Deze minder algemene soort, waarvan kamperfoelie de waardplant is, komt in ons land alleen in het oosten en zuidoosten voor.