Batenburg

Een indrukwekkende ruïne van een van de oudste kastelen van Gelderland. De ruïne is te bekijken met een gids. In de omgeving kan worden gewandeld. Bij de ruïne liggen een eendenkooi, molen en een mooie uiterwaard.

Locatie

Molendijk 11
6634 KE Batenburg

Regio Rivierengebied - Gemeente Wijchen
Verworven 1952 - Oppervlakte 33 ha

Voorzieningen

Kasteel

Op een steen die ooit boven de poort van het kasteel zat, staat dat Batenburg in het jaar 327 is gebouwd op de resten van een Romeinse tempel. Daar zijn nooit bewijzen van gevonden. Wel dat de geschiedenis van Batenburg teruggaat tot het midden van de 12e eeuw. Daarmee is het één van de oudste kastelen van Gelderland. Nu is er nog een ruïne van over.

In beeld

Ruïne bezoeken

Van april t/m oktober zal elke tweede zondag van de maand de kasteel-ruïne geopend zijn. Naast het mogelijke bezoek zal er op deze dag ook een andere activiteit georganiseerd worden in of in de omgeving van Batenburg, voor een leuke middag in deze prachtige omgeving. Daarnaast is op afspraak ook een bezoek mogelijk van april tot en met oktober.

Entreeprijzen 2e zondag van de maand:

13.00 tot 15.00 uur: Openstelling vrije rondgang
Entree: € 1,00 p.p alle leefdtijden

15.00 uur: Rondleiding o.l.v. een gids 
Entree: Volwassenen € 4,00,Kinderen 4 t/m 12 jaar € 2,50
Donateurs Geldersch Landschap & Kasteelen € 1,00 korting p.p. op vertoon van een geldige donateurspas.



Entreeprijzen op afspraak via tel. (0487) 54 17 80.

Entreeprijzen kasteelbezoek (incl. rondleiding)
Volwassenen € 4,00
Kinderen 4 t/m 12 jaar € 2,50

Groepen vanaf 20 personen
Volwassenen € 3,20
Kinderen t/m 12 jaar € 2,00

Het terrein is helaas niet geschikt voor rolstoelgebruikers en mensen die slecht ter been zijn. Honden worden niet toegelaten.

Fietsroute in de buurt

Vakantiewoning

Het Sluishoofdhuisje staat op de plek waar vroeger de sluisdeuren waren, die het waterniveau regelden tussen slotgracht en Maas. De moderne glazen erker met prachtig uitzicht op de ruïnes van wat eens kasteel Batenburg was, is de absolute blikvanger.

Bij de verbouwing zijn binnen authentieke details bewaard gebleven, terwijl een luxe keuken en badkamer veel comfort brengen voor de moderne vakantieganger.

Meer informatie en reserveren op de website van Buitenleven Vakanties. 

Molen

De banmolen dateert oorspronkelijk uit 1531 en is historisch sterk verbonden met de heerlijkheid Batenburg.
Adres: Batenburgse molen, Molendijk 13, 6634 KE Batenburg.

De kasteelheer van de heerlijkheid Batenburg verplichtte boeren in de omgeving er hun graan te laten malen.
In de jaren vijftig van de vorige eeuw raakten onderdelen van het historisch ensemble gescheiden: de kasteelruïne en de eendenkooi werden overgedragen aan GLK, de molen ging naar een pachter en kwam uiteindelijk in bezit van De Hollandsche Molen. In 2017 heeft Geldersch Landschap & Kasteelen de Batenburgse molen kunnen overnemen van Vereniging De Hollandsche Molen.

Eendenkooien en planten

De uiterwaarden, die zich rondom het kasteel uitstrekken, zijn voornamelijk geschikt als grasland, omdat ze periodiek onder water staan. Op de laagste en natste plekken lagen vaak eendenkooien.

De lage plekken zijn nat van het kwelwater. Omdat kwelwater in de winter niet bevriest trekken ze veel eenden en andere watervogels aan. Op die plekken werden de eendenkooien aangelegd. Ook lagen ze vaak ver van de bewoning, omdat rust een belangrijk element is in een eendenkooi. Zonder rust geen eenden.

Begroeiing
Op het terrein van de eendenkooi worden jaarlijks knotten afgezet om voor de kooi zelf te gebruiken. Langs de oevers van de plassen en in de overgangen naar de bosgedeelten groeit een weelderige kruidenflora. Langs de plassen zelf komen de nattere plantensoorten voor (adderwortel, moerasspirea, gele lis, grote lisdodde en watermunt) en in de bossen onder andere bitterzoet. Dat is een giftig familielid van onze aardappel en tomaat. In veel koppen van de knotessen en knoteiken groeit eikvaren, wat de bomen een extra wild uiterlijk geeft. Op de bomen groeit hier en daar de kogelhoutskoolzwam.

Dieren

Wegens die absolute rust die nodig is voor het kooibedrijf is de omgeving van de eendenkooi voor tal van dieren een heerlijk gebied.

De rust wordt gewaarborgd door het in de wet vastgelegde afpalingsrecht: binnen een cirkel van 753 meter (=200 Rijnlandse Roeden) vanuit het midden van de kooiplas is het verboden de rust van de kooi op enigerlei wijze te verstoren.

Soorten
Regelmatig worden sporen van dassen gezien. Ook kleine marterachtigen als hermelijn en wezel zijn er te vinden. In het voorjaar is rond de kooi regelmatig de wulp te horen en te zien. Daarnaast maakt de ijsvogel geregeld zijn opwachting. In het water zwemmen stekelbaarsjes, kleine voorntjes en diverse soorten eenden, zoals dodaars, zomer- en wintertaling, krakeend, nonnetje en smient. Ook komt in het water de bijzondere bittervoorn voor. Deze zeldzaam geworden vis leeft in symbiose met de zwanenmossel. De bittervoorn legt namelijk zijn eitjes in deze mossel.

Amfibieënpoel
De kleine watersalamander en de groene en bruine kikker planten zich voort in een voor hen aangelegde amfibieënpoel. Vooral in het trek en winterseizoen zitten hier veel watervogels zoals talingen, nonnetjes, brilduikers, pijlstaarten en zaagbekken. Het is de bedoeling om in de toekomst het waterpeil nog te verhogen, zodat de aantallen ganzen en eenden nog verder kunnen toenemen. Rond de eendenkooi broeden wulpen, kieviten en watersnippen.

Geschiedenis

De geschiedenis van Batenburg gaat terug tot het midden van de 12e eeuw. Het was toen in handen van het geslacht Van Batenburg.

Daarna volgden nog veel andere geslachten, graven en vorsten totdat de kasteelruïne en directe omgeving, met tijnshuisje, landarbeidershuisje en de noordelijker gelegen eendenkooi, in 1953 eigendom werden van de Nederlandse Staat.

Hooggelegen
Batenburg staat op een hoge plek omdat er vroeger in het rivierengebied geregeld dijkdoorbraken plaatsvonden. Het stond hoog en droog en de bewoners konden eventuele vijanden goed in de gaten houden. Die kwamen meestal over de rivier, want het achterland was te zompig.

Toren
Aanvankelijk bestond het kasteel Batenburg uit een vierkante tufstenen toren gebouwd op een ‘motte’. Dat is een heuvel, die op een bestaand rivierduin is aangelegd. Omstreeks 1350 werd rond de toren een ronde bakstenen verdedigingsmuur aangelegd. Deze werd rond 1500 verwoest en na 1540 herbouwd. In de tweede helft van de 16e eeuw zijn drie uitspringende halfronde torens en een poortgebouw aan deze ringmuur toegevoegd. De grootste van deze torens, de Bronckhorstertoren, staat nog grotendeels overeind. Vooral de kelder met schietgaten is goed bewaard gebleven.

Steengroeve
De burcht is steeds aan de eisen van de tijd aangepast. Rond 1600 verschenen er woonvertrekken op het zuidelijk gedeelte van het binnenterrein. In 1686 gevolgd door een grote woonvleugel aan de westzijde. Volgens een 18e-eeuwse omschrijving waren binnen de muren 'een ruime plaats, pragtige en luchtige vertrekken en groote overwelfde kelders'. Deze pracht ging verloren door de brand die Franse troepen in 1794 stichtten. De resterende muren en torens zijn gedurende de 19e eeuw steeds verder in verval geraakt. Vooral ook doordat omwonenden de ruïne als steengroeve gebruikten. Tussen 1988-1992 heeft Geldersch Landschap en Geldersche Kasteelen er voor gezorgd dat de ruïne in stand bleef.

Tijnshuisje
Tegenover de ruïne van Batenburg liggen twee kleine, witgepleisterde huisjes. Het tijns- of barrièrehuisje van Batenburg (Molendijk 11) uit de tweede helft van de 17e eeuw en een landarbeidershuisje (Molendijk 9) daterend uit het midden van de 19e eeuw. Het tijnshuisje sloot samen met een soortgelijk huisje de toegang tot kasteel Batenburg af door middel van een hek dat tussen de huisjes stond.