Edelhert

Het edelhert is het grootste zoogdier van ons land. Het mannetje weegt maximaal 225 kilo met een schouderhoogte tot 1,5 meter. Hij kan ongeveer 2 meter lang zijn. Het vrouwtje is iets kleiner en heeft een gewicht van maximaal 125 kilo. In de winter is de vacht lichtbruin tot grijs, in de zomer roodbruin. Het edelhert wordt ongeveer 16 jaar oud. Van oorsprong leefde het edelhert op open vlakten, maar door menselijke verstoring is het tegenwoordig vooral een bosbewoner geworden. Je treft hem alleen op de Veluwe aan en in de Oostvaardersplassen. 

Gewei

Het mannetje heeft een gewei, het vrouwtje niet. In het eerste jaar krijgen de jonge herten twee "rozenstokken". Een jaar later worden dit twee spiesjes en in de volgende jaren ontwikkeld zich een echt gewei met vertakkingen. Het gewei wordt elk jaar afgeworpen in het vroege voorjaar. Daarna groeit er in vier maanden tijd weer een nieuw gewei, dat ieder jaar groter wordt. Het kan 10 kilo wegen. Het mannetje gebruikt het gewei om indruk te maken en soms om mee te vechten. In augustus is het gewei volgroeid, de bast (vel) die eromheen zit jeukt dan ontzettend. Het hert gaat het gewei vegen (schuren) om de bast te verwijderen. Nadat de bast helemaal verwijderd is, is het gewei gevoelloos en is de jeuk weg.

Familie

Een mannetjesedelhert heet een hert, het vrouwtje noemen we een hinde en een klein hertje een kalfje. Het edelhert is een sociaal dier. Het grootste deel van het jaar leven de mannetjes in roedels (kuddes). In september verlaten de mannetjes de roedels en gaan ze op zoek naar vrouwtjes. Je kunt ze dan heel hard horen burlen (loeien). Hij probeert dan een groep hindes bij elkaar te krijgen en een harem (groep) te vormen. Daarvoor moet hij wel een flink gevecht voeren met andere mannetjes. De hinde heeft een draagtijd van 8,5 maand. In het voorjaar werpt zij haar kalfje. Het jonge dier ligt overdag meestal te rusten en te herkauwen. Zijn gevlekte, bruine vacht vormt een goede schutkleur. Het kalf blijft twee jaar bij de moeder. Je zult dan ook vaak een hinde zien met een éénjarig en een pasgeboren kalfje.

Voedsel

In de avondschemering gaan edelherten naar de open velden en grazen de hele nacht door. Behalve gras eten ze kruiden, blad van loofbomen, schors, eikels en beukennoten. In de winter eten ze ook heide en dennennaalden. Het gebit van het edelhert lijkt erg op dat van de koe. Beide dieren zijn herkauwers. Nadat het dier in de schemering op open plekken in het bos,op weilanden of akkers zijn maag heeft gevuld, kan het veilig een rustig plekje gaan zoeken om te slapen.

Overstekend wild

Heb je langs de weg wel eens een bord met een hert erop zien staan? Het betekent dat er veel edelherten in dit gebied leven en dat je als automobilist moet oppassen voor overstekende herten. Door een botsing met een edelhert kan een ernstig verkeersongeluk ontstaan. Je snapt natuurlijk wel dat edelherten aan dit bord niets hebben. Daarom hebben mensen iets anders bedacht. Edelherten gaan vooral in het donker op zoek naar voedsel. Daarom staan er langs de wegen waar edelherten voorkomen vaak wildspiegels: paaltjes met spiegeltjes eraan. Het licht van de auto's wordt door het spiegeltje het bos in gekaatst. De edelherten, die juist wilden oversteken, schrikken nu en blijven in het bos.

Edelherten bij Geldersch Landschap & Kasteelen

Bij Geldersch Landschap & Kasteelen leven edelherten in verschillende natuurterreinen op de Veluwe. Onder andere op de Loenermark, Staverden en de Dellen. Wil je deze dieren eens in het echt zien? Doe dan eens mee met een hertenbronstexcursie. Je kunt de edelherten dan horen (en vaak ook zien) burlen.

Meer informatie

Op de website van Vereniging Het Edelhert vind je nog veel meer informatie die je kunt gebruiken voor je spreekbeurt.