De fladderende wakers van de nacht

Vleermuizen spreken tot de verbeelding. Ook al staan er uitsluitend insecten op het menu van de in Nederland voorkomende soorten, toch worden hen allerlei bloeddorstige eigenschappen toegeschreven. Vampiervleermuizen die zich met bloed voeden komen gelukkig alleen in Zuid-Amerika voor en graaf Dracula is toch echt een literair hersenspinsel. GLK ging op onderzoek naar vleermuizen én de verhalen hierover.
gewone dwergvleermuis

Gewone en zeldzame vleermuizen

Vleermuizen zijn de enige zoogdieren die echt kunnen vliegen. Tussen hun staart en de vingers van hun voor- en achterpoten zit een speciale vlieghuid die een soort vleugel vormt. Een van de meest voorkomende soorten in Nederland is de gewone dwergvleermuis. Ook in gebieden van GLK, zoals Staverden, Hoevelaken en Cannenburch, is deze kleine vleermuis te vinden, vooral rondom waterpartijen en beschutte oevers. Ze jagen snel en wendbaar, in een grillige vlucht met veel bochten en lussen. ’s Winters kunnen ze alleen, maar ook in grote groepen, tot clusters van honderden dieren, overwinteren. Het zijn relatief lichte slapers, die zich bij milde temperaturen buiten wel laten zien.

Zeldzamer is de baardvleermuis, die onder andere op landgoed Staverden voorkomt. Ze zijn jagend vooral actief in open ruimtes, zoals boven paden, beken, open plekken en langs houtwallen. Hun vlucht bestaat uit een kort rondje dat wordt herhaald.

Gezocht: donker rustig dagverblijf

Vleermuizen zijn nachtdieren. Bij schemering begint hun zoektocht naar muggen en andere insecten. Overdag slapen ze in een rustige, donkere locatie, zoals kelders, bunkers en ijskelders. Voor de winterslaap vertrekken ze naar een andere donkere beschutte plek, soms wel honderden kilometers verderop, waar rust en een constante temperatuur heersen. Oorspronkelijk waren dit grotten, maar sinds de mens stenen nederzettingen bouwt, voldoen ook die aan de eisen aan het winterverblijf van de vleermuis. Zodoende zitten ze achter luiken, in spouwmuren, in kelders van kastelen (Nederhemert), in schuilkelders (Oorsprong), in ijskelders (Warnsborn, Hoekelum), in bunkers (’t Velde), op zolders (Cannenburch). Daarnaast heeft GLK speciale vleermuizenkasten (o.a. Hoekelum) geplaatst om deze beschermde zoogdierensoort te ondersteunen.

Vleermuizenstand in 30 jaar verviervoudigd!

De maatregelen ter bescherming van de vleermuizen hebben effect. Sinds 1986 is de vleermuizenstand in Nederland verviervoudigd, zo meldde het Compendium voor de Leefomgeving recent. Sinds het midden van de vorige eeuw ging het aantal vleermuizen hard achteruit, onder andere vanwege verstoring en het verdwijnen van verblijfplaatsen, het gebruik van bestrijdingsmiddelen in de landbouw en houtverduurzamingsmiddelen op kerkzolders.

Al lang zijn alle vleermuizensoorten in Nederland beschermd volgens de Wet natuurbescherming. Sinds 1992 zijn ze daarnaast volgens de Europese habitatrichtlijn beschermd. Omdat de genoemde oorzaken zijn aangepakt, is een duidelijke stijging van de populatie zichtbaar. Een prachtig succes van de Nederlandse natuurbescherming!

Spannende schemerwandelingen

Normaal gesproken mag het bos na zonsondergang niet meer worden betreden, maar deze keren maakt de boswachter een uitzondering. Als de temperaturen mild zijn, is er een goede kans dat je een vleermuis door de lucht ziet schieten!

Schemerwandeling Staverden (voor kinderen)

Sterrenwandeling Wilbrinkbos

Gewapend met vleermuis

Tot de jaren veertig van de twintigste eeuw zat boven de poortdoorgang op kasteel Hernen het originele wapen van de familie Van Egeren. Naast een hond in het helmteken zit er ook een vleermuis in het familiewapen. De rijk bewerkte steen is tijdens de laatste restauratie verwijderd om hem te beschermen tegen verder verval door weersinvloeden. Van de originele steen is een gipsafgietsel gemaakt (de gekleurde variant in bovenstaande afbeeldingen ) om de replica te kunnen maken die nu boven de poortdoorgang zit. Weliswaar woonde de familie Van Egeren niet op kasteel Hernen, maar de man van Margareta van Egeren van den Diesdonck (1520-1563), Reyner van Wijhe (1512-1571), erfde in 1544 het kasteel. Zodoende heeft de vleermuis ook een symbolische plek in het kasteel verworven.